Bestelautotests

Multitest Koeriersauto’s 2008

Altijd in beweging

Het marktsegment van de zogeheten koeriersauto’s is hevig bevochten. Er gaat bijna geen jaar voorbij zonder dat een bestelautofabrikant zijn auto in dit deel van de markt flink vernieuwd. Dit jaar is het flink raak met een nieuwe Renault Kangoo, de Peugeot Partner/Citroën Berlingo en de duurzame Volkswagen Caddy Bluemotion. Bestelauto kijkt hoe de nieuwkomers het doen ten opzichte van de gevestigde orde.

Het echte begin van de koeriersauto als apart segment in de markt der bestelauto’s ligt nog niet eens zo heel lang achter ons. Eind 1996 werden de Citroën Berlingo en Peugeot Partner als co-productie als eerste bestelauto geïntroduceerd. Daarmee bedoelen we dat de auto’s bedoeld waren als bestelauto. Voorheen werd er in dit segment vaak een ‘bedrijfsautoachterkant’ aan de cabine van een personenauto geplakt. Na die introductie, en die van de Renault Kangoo in 1997, nam de populariteit van de koeriersauto snel toe, zelfs zo snel dat de titel ‘koeriersauto’ anno 2008 volstrekt achterhaald is. Dit soort auto is zo veelzijdig dat lang niet alleen de postbode er in rondrijdt, maar iedereen die een eigen bedrijf heeft en wel eens iets moet vervoeren.

Na de lancering van de ‘Fransen’ ging het snel. Opel en Ford brachten respectievelijk de Combo en de Transit. Volkswagen maakte met haar nieuwe Caddy een absoluut succesnummer. Inmiddels is de koeriersauto aan zijn tweede generatie toe. En weer gaan de Franse merken daarbij het eerste aan de slag. Begin dit jaar presenteerde PSA een nieuwe Citroën Berlingo annex Peugeot Partner (weer een samenwerking), op de voet gevolgd door Renault met de nieuwe Kangoo Express. Iedereen die de foto’s ziet kan al concluderen dat er uiterlijk niet al te veel veranderd aan dit segment, maar of dat daadwerkelijk zo is en ook geldt voor de rest van de auto, zullen we in deze test zien.

Downsizen is helemaal hip in autoland tegenwoordig. Gedwongen door hoge brandstofprijzen en het idee dat we met al onze automobiliteit de planeet om zeep helpen kiezen veel weggebruikers voor een maatje kleiner als de vervoersbehoefte dat toelaat. Om die reden hebben we de testauto’s bij de verschillende importeurs besteld met een zo klein mogelijke dieselmotor en een vermogen van 75 a 85 pk. Allemaal diesels ja, want van bestelauto’s met alternatieve brandstoffen zijn er nog steeds zo weinig dat daar geen aardige vergelijkingstest mee te maken is. Natuurlijk werkt de autobranche wel hard aan schone auto’s, en om daarmee eens de proef op de som te nemen hebben we de Volkswagen Caddy in Bluemotion-uitvoering laten overkomen naar de redactie. De VW valt samen met de Ford trouwens uit de toon als het gaat om de kleine-motorenwens van de redactie, want met minder dan 105 pk kon VW geen Caddy leveren. Na onze aanvraag is daar trouwens wel werk van gemaakt, want zo ongeveer tegelijk met deze multitest verschijnt een Caddy met een vermogen van 75 pk..

Dit marktsegment is dus altijd in beweging. Interessant wordt te zien hoe de nieuwkomers het gaan doen in deze test. Kunnen ze de gevestigde orde verslaan? En hoe is het, rijden met een kleine motor en wat minder pk? Hoe zuinig is de Caddy met Bluemotion? U leest het allemaal hieronder, waar we de auto’s individueel bespreken en onderling vergelijken.
Fiat Doblò Cargo 1.3 MultiJet DPF

Nette middenmoter

De Fiat Doblò Cargo draait al weer heel wat jaren mee en krijg halverwege dit decennium een flinke facelift. Met resultaat, want hij werd meteen tot Van of the Year 2006 verkozen. Nog altijd ziet de Doblò Cargo er redelijk modern uit. Zeker in het mooie lichtblauw metallic, met de hippe wieldoppen en de optionele sidebars staat-ie er stoer bij. Opvallend is de steile voorruit, die het kleinste oppervlak van alle testauto’s heeft. De voorbumper is voor een groot deel meegespoten, niet handig bij kleine aanrijdingen. De cabine was ooit revolutionair van ontwerp, met een vak boven het hoofd van de bestuurder als primeur. Zo’n handig vak is er nog steeds, de cabine is nog lang niet oud, maar ook niet meer revolutionair. Gewone bekerhouders ontbreken bijvoorbeeld. De bestuurdersstoel is lastig verstelbaar, je moet met je gewicht spelen om de stoel omhoog of omlaag te krijgen. Achter ons zit een mooi volledig tussenschot met een ruit. De pook zit in het dashboard en is uitstekend bereikbaar. Onderweg blijkt de Doblò Cargo nog altijd prima te rijden, met een lichte neiging tot hellen in de bochten. Het geluidsniveau blijft vooral op de snelweg aan de lage kant. De 1.3 Multijet motor levert 85 pk en heeft met 200 Nm bij 1750 toeren een aangenaam koppel. Het verbruik van 1 liter diesel op 14 kilometer is teleurstellend: de Doblò Cargo wordt er laatste mee in de verbruikstest. Vreemd, want Fiat belooft in haar brochures zelf een verbruik van 1 op 18.
Even in de laadruimte kijken. Op de achterbumper zien we parkeersensoren, een handige extra. De deuren zijn assymetrisch en openen 180 graden. Voor de beide achterramen is een doorzichtig metalen rooster aangebracht. Het beperkt het zicht naar binnen, maar voor de in zijn spiegel turende bestuurder is het ook niet erg doorzichtig. De Doblò Cargo scoort goed als het gaat om hoogte en breedte van de laadruimte. Tussen de wielkasten zit 120 cm en past heel krap een europallet. De toegang van de zijschuifdeur is met 62 x 113 cm aangenaam groot. Pluspunt van de Fiat is zijn laadvermogen (755 kg).

+ hoog laadvermogen
+ hoge en brede laadruimte

– teleurstellend verbruik
– lastige stoelverstelling
 

Ford Transit Connect T220 1.8 TDCi

Op en top bedrijfsauto

De Transit Connect is Fords kleinste bestelauto op de Nederlandse markt en hij blaast alweer heel wat jaartjes met succes zijn partijtje mee. Hij is er ook in personenautoversie, maar de Transit Connect is in alles een echte bedrijfsauto. Dat zie je al meteen aan het uiterlijk: hoekig, recht en zonder al te veel franje. Ten opzichte van de recent geïntroduceerde auto’s in deze test, met hun ronde vormen, valt-ie wat uit de toon. Een bestelauto is er natuurlijk om mee te werken, maar het oog mag best verwend worden, meneer Ford. De Nederlandse importeur voldeed niet helemaal aan onze wensen door een T220-versie van de Transit Connect te sturen. Dat betekent een totaalgewicht van 2240 kg en een laadvermogen van 870 kg. Dat is met afstand het meeste in deze test. Nemen we de tweetons versie van de Transit Connect, dan mogen we maximaal 675 kg meenemen. Nog altijd een prima prestatie in dit testsextet. In de cabine is het doelmatigheid wat de klok slaat: veel harde materialen, maar ook 9 opbergvakken en 2 bekerhouders. Een pluim verdient Ford voor de comfortabele stoelen, die uitstekend verstelbaar zijn. Je zit in de Transit Connect wel dicht op het dashboard. Ronduit irritant is de in onze auto losse vloermat bij de voeten van de bestuurder. En dat met slechts 2.500 km op de teller. Tijdens het rijden valt op dat er flink wat motorlawaai is en windgeruis van rond de A-stijl. De Ford heeft als enige testauto spiegels met een apart dodehoekgedeelte. De 1.8 TDCi dieselmotor levert 75 pk en is geen echte sprinter, maar hij haalt aan de pomp wel een mooi resultaat. De laadruimte van de Transit Connect is goed toegankelijk, maar in dit gezelschap heeft hij geen topscore als het gaat om laadruimte. Wel wat betreft laadvermogen, maar niet waar het gaat om laadvolume. De prijs van onze geteste Transit Connect is fors, maar de instapprijs is aan de aangenaam lage kant.

+ Hoog laadvermogen
+ Brandstofverbruik

– Hoekig ontwerp
– Laadvolume niet optimaal

 

Opel Combo 1.3 CDTi DPF Tecshift

Aan een zijden draadje

Als je alle testauto’s uit dit artikel op een rijtje zet, springt de Opel Combo er zeker tussenuit. Hij heeft een wat eigenaardig uiterlijk, met een lage neus en een schijnbaar hele hoge voorruit. Die neus komt van de vorige generatie Corsa, de voorruit is niet eens zo hoog als bij veel van de andere auto’s. De Combo is al aardig wat jaren op de markt maar is in die jaren wel succesvol geweest. Onze testCombo was redelijk basic uitgerust, de sidebars is een van de weinige accessoires. Ook het interieur is afkomstig uit de Corsa van voorheen, en dat merk je: het doet wat gedateerd aan en is niet ontworpen voor bedrijfsgebruik. Daar verandert het opbergvak van boven het hoofd niets aan. Naast dat vak kijk je trouwens direct tegen het plaatstaal aan. De cabine is niet bovenmatig ruim. Achter de bestuurder was bij onze auto een halfhoog tussenschot gemonteerd. Het zorgt ervoor dat er veel geluid van de achteras te horen is. De zit in de Opel is erg laag, wat geen nadeel is, maar wel tegen de huidige trend van steeds hogere zitposities ingaat. De buitenspiegels zijn aangenaam groot. De Opel is wat betreft weggedrag een fijne auto, hij laat zich snel door bochten heen gooien en heeft het karakter van een snelle jongen in de stad. De 1.3 CDTi verrast met een redelijk brandstofverbruik. Onze testauto was uitgerust met de Tecshift automatische versnellingsbak. Die bevalt niet goed. Niet alleen ‘kruipt’ de auto bij het loslaten van de rem, de bak raakt ook af en toe in de war. De laadruimte is goed toegankelijk, maar scoort niet goed als het gaat om volume. Tussen de wielkasten (112 cm) is onvoldoende ruimte voor een europallet. De Opel weegt 1210 kg en is daarmee het lichtst van ons testsextet, maar… het laadvermogen is met 500 kg dan ook het laagst van alle hier geteste auto’s. De Opel kan nog net mee in dit segment, maar dat duurt niet lang meer…

+ Nette prijs
+ Grote spiegels

– Ietwat gedateerd
– Laadvolume en -vermogen

 

Peugeot Partner 1.6 Hdi

Mooi met een rekenfoutje

De Peugeot Partner werd in het voorjaar samen met zijn tweelingbroer Citroën Berlingo compleet vernieuwd. Wie kijkt naar het uiterlijk, ziet dat de Partner in niets meer lijkt op zijn voorganger. De auto is wat groter dan zijn voorganger. Het ontwerp van de neus is in essentie gelijk aan dat van de Expert en Boxer, Peugeots grotere bestelauto’s. De achterbumper bestaat uit drie delen, de achterlichtunits zijn mooi. Aan de voorzijde valt op dat de voorbumper uit één stuk bestaat en de koplampen mooi hoog op de carrosserie liggen. In de ruime cabine is het prettig toeven, met comfortabele stoelen. In de versie die wij redden zat een Multi-Flexbank: een in twee delen neerklapbare bank naast de bestuurder. Daardoor kunnen er in theorie drie mensen mee in de Partner, maar in de praktijk is dat te krap. Wel handig is dat de zittingen van de bank opklapbaar zijn en handige opbergbakken hebben. De bergruimte in de Partner is fabuleus, wij telden liefst 12 opbergvakken. Onhandig is de plek van de knoppen om de ramen elektrisch te bedienen: achter de pook in het dashboard. De knop om de laadruimte apart te vergrendelen zit er ook.
De Partner heeft het onderstel van de 308 en de rij-eigenschappen zijn daarom uitstekend, veel beter dan die van de vorige generatie. De 1.6 HDi diesel is niet vlot, maar wel heel zuinig.
De uiterlijke groei van de Partner is niet terug te vinden in de laadruimte. Die is twee centimeter korter dan bij de vorige versie en zelfs negen centimeter smaller. Tussen de wielkasten meet het 122 cm, dus er kan wel een europallet mee. Onbegrijpelijk dat PSA bij het ontwikkelen niet beter op het laadvolume heeft gelet, want deze brandnieuwe Peugeot scoort daarin het slechtst in deze test. Het laadvermogen is 551 kg en optioneel te verhogen tot 750 kg. Goed nagedacht heeft Peugeot over de scharnieren van de achterdeuren. Die kunnen met een mooi solide systeem 180 graden open. De linkerachterdeur heeft een palletje waarmee hij onafhankelijk van de rechterachterdeur kan worden vastgezet en zo nooit meer open of juist dicht waait bij laden en lossen.

+ Uitstekend weggedrag
+ Laag brandstofverbruik

– Laadvolume te klein
– Laadvermogen aan de lage kant
Renault Kangoo 1.5 dCi

Brede visie

Net als de Peugeot Partner werd ook de Renault Kangoo dit voorjaar volledig vernieuwd. Volledig, al zou je dat niet zeggen als je de vernieuwde Kangoo de eerste keer ziet. Hij lijkt wel erg veel op zijn voorganger. Schijn bedriegt, want wie de oude en de nieuwe Kangoo naast elkaar zet, ziet dat de tweede generatie een hogere, wat stompe neus heeft en in de breedte is gegroeid. De carrosserie van de Kangoo is de kortste van alle testauto’s. De bredere koets van de auto levert van binnen veel op. Hij heeft met nipte voorsprong de ruimste cabine, waarin ook langere bestuurders prettig zitten. Jammer is wel dat het stuurwiel niet in diepte verstelbaar is. Aan de stuurkolom zitten mooie korte hendels voor richtingaanwijzers en ruitenwissers. Handig is de cruisecontrol annex snelheidsbegrenzer, met bediening op het stuur. Nog beter is de vele bergruimte. Als enige heeft de Renault een groot vak met armsteun tussen de voorstoelen. Erg onhandig is de belachelijk grote hendel van de parkeerrem. En dat terwijl Renault van die mooie elektrische exemplaren heeft… De cabine werd in deze auto gescheiden van de laadruimte door een halfhoog tussenschot met een rek achter de bestuurdersstoel. Voldoet in principe prima, maar er komt wel erg veel lawaai van de achteras op de snelweg. Over de 1,5 liter dCi-diesel kan de gebruiker tevreden zijn: niet alleen is hij in de acceleratietests zeer rap, bij het tankstation liet hij na de verbruikstest ook de beste cijfers noteren. De Kangoo profiteert ook in de laadruimte van zijn groei in de breedte, want daar kan hij meedoen met de besten. Het laadvermogen scoort met 692 kg ook al niet slecht. Tussen de wielkasten is 122 cm ruimte, dus daar past een europallet. De laadvloer van de Kangoo is van rubber en heeft een opstaand randje aan de zijkant, wat ervoor kan zorgen dat je niets iets minder kan laden dan met een 100 procent vlakke laadvloer. Er zijn in de laadruimte maar liefst 9 sjorogen. De krik is weggewerkt op de rechter wielkast.

+ Lekker breed
+ Prima verbruik

– Onhandige parkeerrem
– Lawaaiig
 

Volkswagen Caddy 1.9 TDI DRF Bluemotion

Vaste waarde

De Volkswagen Caddy heeft zich allang bewezen in Nederland. Hij verkoopt al jaren goed en is een vaste waarde in het bedrijfswagenpark van veel Nederlandse ondernemingen. Zijn degelijkheid is van hoog niveau en hij voldoet eigenlijk uitstekend aan het Hollandse adagium ‘doe maar gewoon, dan doe je al gek genoeg’. Onze testCaddy was voorzien van Bluemotion, waardoor ondermeer de CO2-uitstoot met 158 gram/km lager is dan bij de normale Caddy (167 gr/km). De stroomlijn van de carrosserie is daarvoor licht gewijzigd, al zie je daar eigenlijk niks van. Het blauwe Bluemotion logo in de grille wijst erop dat dit niet zomaar een gewone Caddy is. Deze Caddy was ook voorzien van ‘Touran’ bumpers in de kleur van de carrosserie. Mooi maar kwetsbaar. De cabine is zoals we die kennen van VW: geen franje, maar functionaliteit. De materialen doen solide aan. Er is veel bergruimte, inclusief een afsluitbaar vak op het dashboard. Een hoeraatje geven we voor de standaard cruisecontrol. De klimaatcontrole en het multimedia navigatiesysteem zijn extra’s. Motor- en rijgeluiden blijven grotendeels buiten de auto; het is lekker stil binnen. De laadruimte is mooi afgetimmerd en gescheiden van de cabine door een tussenschot met grote ruit. De laadruimte is de grootste in volume van dit sextet. Ook op laadvermogen scoort de Caddy top. Jammer is wel dat de nette aftimmering van de wielkasten de ruimte ertussen beperkt: er past met 115 cm ruimte slechts overdwars een europallet in de auto. De Caddy heeft zoals gezegd de grootste motor, met een cilinderinhoud van 1896 cc en een vermogen van 105 pk. Geen wonder dat de Caddy de acceleratietests wint. Hij rept zich in nog geen twintig seconden naar de 120 km/h. Jammer is wel dat het brandstofverbruik van deze Bluemotion lang niet zo goed is als VW belooft. 1 op 15, 3 is niet zo slecht gezien de grote inhoud van de motor, maar volgens VW moet het 1 op 17, 2 zijn.

+ Degelijk en solide
+ Waardevast

– Ruimte tussen de wielkasten
– Brandstofverbruik Bluemotion
 

Conclusie

Na een week meten, kijken, nog eens meten, fotograferen en vooral veel rijden konden we dan de conclusies gaan trekken over wat de uitkomst van onze multitest is. Dat klinkt makkelijker dan het is, want de specificaties en metingen na een multitest zijn zo uitgebreid dat we deze nabeschouwing makkelijk kunnen laten duren tot pagina … (een heel stuk verderop). Dat doen we niet. Wat we wel doen is de auto’s nog even langs de meetlat op diverse belangrijke punten. Allereerst de ruimte in de cabine. Hier lijkt het erop dat hoe nieuwer de bestelauto is, hoe ruimer hij scoort. De Renault en de Peugeot hebben beide ruime cabines. De Fiat, Ford en Opel blijven op dit punt achter. Uitzondering is de Volkswagen Caddy, die zich op dit punt prima kan meten met de Fransen. De verhoudingen vallen samen met de uiterlijke dimensies van de auto’s. De nieuwelingen zijn dus een stukje groter dan de auto’s die al wat langer meelopen, wederom met uitzondering van de Caddy. Kijken we in de laadruimte, dan liggen de verhoudingen anders. Hier wint de Caddy met een laadvolume van 3,2 kuub, nipt voor de Fiat Doblò Cargo en de Renault Kangoo (beide 3,1 kuub). Op plaats 4 en 5 staan de Ford en de Opel, die respectievelijk 2,8 en 2,7 kuub scoren. Onderaan eindigt de splinternieuwe Peugeot Partner, die niet verder komt dan 2,6 kuub. Hier laat de Peugeot een lelijke steek vallen. Het Franse merk had zijn rekensommen beter moeten doen bij de ontwikkeling van de Partner. Ook niet onbelangrijk in dit segment is zijn de laadvermogens. Ook hier scoort de Caddy goed, met de Doblò Cargo als sterke tweede, gevolgd door de Kangoo, de Ford, de Peugeot en de Opel.
De Peugeot Partner profiteert van de immer voortschrijdende trend om bestelauto’s meer en meer de rij-eigenschappen van personenauto’s te geven. De Partner wint waar het gaat om het best ontwikkelde rijgedrag, gevolgd door de Renault, de Caddy en de Fiat. De Transit Connect en de Opel Combo rijden zoals ze eruit zien: als echte bedrijfsauto’s.
Wie mee wil doen in de trend van downsizen, kunnen we geruststellen: een kleinere motor betekent echt niet dat u veel hoeft in te leveren op het gebied van prestaties. Zelfs met een 1.3 diesel met 75 pk kun je tegenwoordig prima voor de dag komen en hoef je echt niet bang te zijn op de snelweg door iedereen te worden ingehaald. Die kleine motoren hebben ook een aanvaardbaar brandstofverbruik, al is het opvallend dat de nummers 1 en 2 op dit punt respectievelijk een motor met 1,5 liter (Renault) en 1,6 liter (Peugeot) hebben. De Fiat stelt wel teleur op dit punt. Met belangstelling hielden we het brandstofverbruik van de Caddy Bluemotion in de gaten. Zoals we al eerder schreven, stelde dat teleur. Het betekent één van de twee punten waarop de Caddy teleurstelt, al valt het brandstofverbruik gezien de grootte van de motor niet al te veel uit de toon. Maar de beloftes die VW over Bluemotion doet, worden hier wat betreft verbruik niet waargemaakt. Dus vraag je je af: waarom koop je dan zo’n Bluemotion? De meerprijs van Bluemotion is weliswaar gering, maar de voordelen beperken zich blijkbaar tot schonere lucht en een groen imago. De Caddy was overigens al niet goedkoop: voor al die mooie prestaties moet wel meer worden betaald dan bij de andere auto’s.
Een echte allround winnaar is moeilijk aan te wijzen. Dat moet u als gebruiker ook eigenlijk doen, want u weet het beste wat u zelf belangrijk vindt aan de bestelauto die u (wellicht) overweegt te kopen. Dan is deze test een hele hulp, maar kijkt u ook naar afschrijving, garantie, een dealer bij u in de buurt, eventuele leasetarieven en wat het onderhoud u gaat kosten. Dan weet u zeker dat u aan uw nieuwe bestelauto echt plezier beleeft, en immer in beweging blijft.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.